Nieuws

Uitsluitingen uit de werkloosheid: wanneer woede wanhoopt

Uitsluitingen uit de werkloosheid: wanneer woede wanhoopt

Sinds het begin van dit jaar worden werklozen uitgesloten uit de werkloosheid. Golf na golf verliezen mensen hun uitkering. We gaan op het terrein en delen onze bevindingen in meerdere delen. Vandaag nemen we een kijkje in Waals Picardië.

We trekken naar Doornik, voor een bezoekje aan de kantoren van ABVV Waals Picardië om te polsen naar de gemoederen en de impact van de uitsluitingen. Net als in Charleroi, heeft de werkloosheidsdienst zich hier goed voorbereid, om het publiek zo goed mogelijk op te vangen en eventuele ontsporingen te voorkomen.

“Wij hadden veiligheidsmaatregelen voorzien,” legt Carole Gressier uit. Zij is verantwoordelijke bij de lokale werkloosheidsdienst. “Er waren bewakers aanwezig en we hebben ervoor gezorgd dat medewerkers niet langer alleen in een kantoor zaten.” De vrees voor mogelijke spanningen was reëel, gezien de omvang van het sociale drama. Toch werd er geen enkel ernstig incident gesignaleerd. “We hadden wel wat woede-uitbarstingen verwacht, maar die bleven uit. In werkelijkheid zagen we vooral wanhoop, verdriet en berusting.”


Kwetsbare bevolking

In deze regio van Henegouwen bleef het aantal mensen dat door de eerste golf van uitsluitingen werd getroffen relatief beperkt. In heel Waals Picardië ging het om ongeveer duizend personen. Maar achter dit minder grote cijfer, schuilen even zware menselijke drama’s.

“Twintig jaar werkloos zijn is geen keuze”, benadrukt Carole. Ze illustreert haar uitspraak met het geval van een moeder wiens aandacht en tijd volledig in het teken stonden van haar dochters, die slachtoffer werden van familiaal geweld. Een situatie waarin ze geen keuze had en die haar dwong om de arbeidsmarkt achter zich te laten. “Het gaat hier om mensen met een moeilijk parcours, gezondheidsproblemen en familiale drama’s.”


“Het gaat hier om mensen met een moeilijk parcours, gezondheidsproblemen en familiale drama’s.”

Carole Gressier

Ondanks de uiteenlopende verhalen zien we toch één rode draad in het kantoor van Doornik: hoe de woede van de uitgesloten werklozen zich vooral op de Arizona-regering richt, en niet op de vakbonden of de RVA.

Maar meer dan woede, heerst er vooral wanhoop. Tijdens infosessies spreken uitgesloten personen over extreme oplossingen: van prostitutie en bedelen tot zelfs suïcidale gedachten. Alles komt aan bod. “Wat gaan we doen? We hebben geen andere oplossing.”


“Het was heftig”

Later op de dag, maar nog steeds in Doornik, ontmoeten we Quentin Huart van ABVV Jongeren. Hij droeg bij aan de organisatie van de infosessies voor de werkloosheidsuitsluitingen en ook ziet hoe heftig deze op mensen inhakt. “Mensen kwamen met een gevoel van fatalisme. Ze huilden. Het was heftig.”

Onder hen werkten velen via het lokale Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschap (PWA), anderen waren actief als interim-arbeiders. “Zo was er bijvoorbeeld een man die net niet genoeg gewerkte dagen had om zijn toeslag te behouden. We blijven ook telkens weer horen hoe mensen niet kiezen om werkloos te zijn”, vertelt Quentin.

Een andere anekdote die hem bijblijft was de situatie van een 64-jarige vrouw, uitgesloten na een lange periode van ziekte. Ze volgde “op latere leeftijd” opleidingen, maar in een sector die niet erkend is als knelpuntberoep. Daardoor verliest ze nu dus haar echt op een uitkering. Quentin vervolgt: “Ik neem af en toe ook wat telefoons aan. Daar vertellen veel mensen dat ze opnieuw studeren of een opleiding volgen. Toch zullen ze nu zonder inkomen vallen. Dat is totaal onmenselijk.”

De vragen blijven binnenstromen bij Quentin. “Heb ik recht op het OCMW? Op sociale hulp?” Met angstige ogen vertelt een vrouw hem: “Ik heb niets meer… enfin ja, ik ben eigenaar van mijn huis. Ik ga dat toch niet moeten verkopen?”


De stap naar het OCMW

Want voor veel mensen is het OCMW beangstigend. “Je moet daarbij alles op tafel leggen”, legt Quentin uit. “Mensen moeten hun financiën volledig blootleggen, al hun uitgaven worden geanalyseerd, er wordt geadviseerd om bepaalde activiteiten stop te zetten, zoals sport of hobby’s.” De stap naar het OCMW wordt dus niet gezien als een eenvoudige administratieve vorm van hulpen zoeken, maar als een vorm van “deklassering” naar een lager niveau van de samenleving.

Gevoel van onrechtvaardigheid

Hoewel de schade in de eerste fase beperkt bleef, was er nog altijd de vrees voor de golven in maart, april en juli. Die treffen onder meer mensen met vijf of acht jaar werkloosheid, alvorens iedereen met twee jaar te treffen.

Eind april was er meer onbegrip bij de “uitgeslotenen”. “Niet meer agressiviteit dan in januari, nee, maar wel veel verbazing. Mensen begrijpen niet waarom zij getroffen worden door de maatregel, omdat de meesten van hen wel een beroepsactiviteit hebben”, vervolgt Carole. “Velen werken inderdaad als interimkracht of seizoenarbeider. Ze schakelen korte contracten aaneen en kennen periodes van tijdelijke werkloosheid. Voor hen is de uitsluiting nog moeilijker te begrijpen.”

Ondanks de waarschuwingsbrieven die vooraf werden verstuurd, vallen veel mensen uit de lucht. Tijdens de permanenties overheerst één gevoel: onrechtvaardigheid. In Doornik en elders blijven de diensten van het ABVV informeren, begeleiden en vragen beantwoorden. Maar één ding is nu al duidelijk: achter de hervorming staan levens die al kwetsbaar waren en die vandaag aan de rand van de afgrond staan.


Facebooktwitter

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lees ook x

De Nieuwe Werker

FREE
VIEW